Gedicht van Welzijnszorg 2010
Waar moet iemand die in armoede leeft
en tot over de oren in de schulden zit
nog in geloven
als een realistisch afbetalingsplan
je nog nauwelijks de ruimte geeft om te overleven,
laat staan dat je nog ooit zal kunnen leven?
Waar moet iemand die in armoede leeft
en tot over de oren in de schulden zit
nog op hopen
als hij door iedereen
bestempeld wordt als een hopeloos geval,
als elk gevoel voor eigenwaarde
in de loop der levensjaren
vakkundig werd weggeschraapt?
Wie moet iemand die in armoede leeft
en tot over de oren in de schulden zit
nog gaarne zien
als liefde al jaren niet meer werd gevoeld,
als onverschilligheid de enige mogelijkheid wordt
om de kop boven water te houden,
als je denkt dat je niets meer te bieden hebt?
Geloof, hoop en liefde
is dat niet wat we uitgesloten mensen moeten geven
zaterdag 20 november 2010
maandag 8 november 2010
donderdag 19 augustus 2010
luizenissen
Luizenissen op het sociaal steunpunt gezondheid
Een drukke werkdag loopt ten einde: op de valreep worden we gecontacteerd door een thuisbegeleidingsdienst die wanhopig op zoek is naar een instantie die een luizenbehandeling bij een gezin kan opstarten. Het betreft een gezin met 5 kinderen, waarvan de oudste 14 jaar en de jongste 4 maanden is. Noch de thuisbegeleidingsdienst, noch de thuiszorgdienst blijken deze taak te kunnen/mogen verrichten. Wanneer ook nog blijkt dat de moeder van het gezin ernstig visueel gehandicapt is, zeggen we toe vanuit het SSG om deze mensen verder te helpen. Later vernemen we dat het comité bijzondere jeugdzorg dit gezin begeleidt omdat er in het verleden teveel taken op de schouders van het oudste meisje terechtkwamen, wat resulteerde in spanningen binnen het gezin.
Bij het eerste contact blijkt dat betrokkenen in een verzorgde woning van de sociale huisvestingsmaatschappij wonen. Er wordt verteld dat vader op reis is. Het jongste kind, een baby van 4 maanden, heeft amper haar en geen luizen, een ander broertje heeft uit pure wanhoop zijn haar kortgeschoren. De 3 meisjes en de moeder hebben echter erg veel bezoek van de kriebeldieren. Omdat de moeder maar 3% zicht heeft, is het voor haar absoluut onmogelijk om de luizen te kunnen zien... Dit zorgt voor frustraties. Tijdens de inwerktijd van de shampoo (gelukkig verkregen door de thuisbegeleidingsdienst) voeren we een gesprek over de andere maatregelen die er genomen zullen moeten worden: er wordt advies gegeven over het luchtdicht verpakken van kleding en spullen die niet al te warm gewassen kunnen worden. Het beddengoed van het voltallige gezin, de handdoeken en tutti quanti vliegen onherroepelijk in de wasmand. Door het geven van positieve bekrachtiging tussen deze tips door, wordt het gevoel van welbevinden (welzijn) opgekrikt.
Al snel blijkt dat de was zich sowieso al opstapelt zonder dat de handdoeken die werden gebruikt voor de luizenbehandeling erbij worden gelegd. Omdat ook de badkamer aan de eerder kleine kant is, stellen we voor om in de toekomst de badkamer en de handdoeken van het sociaal steunpunt gezondheid te gebruiken.
Enkele dagen later is het gezin opnieuw op post, ditmaal op het sociaal steunpunt gezondheid.. Ook nu wordt er weer volop gepraat tijdens de inwerktijd van de shampoo. Tijdens een korte uitleg over de diëtiste die op onze dienst werkt, vertelt het derde kind, dat inderdaad aan de mollige kant is, dat ze dolgraag een dieet zou willen volgen omdat ze erom gepest wordt op school. Ze gaat er dan ook niet graag naartoe en de schoolresultaten zijn, mede door dit gepest, slecht. Er wordt onmiddellijk een gesprek geregeld waaruit een afspraak voortvloeit. De moeder is blij want door het beperkte inkomen, vader stempelt en is wanhopig op zoek naar werk, is er geen budget over om een consult bij een reguliere diëtiste te betalen.
Tijdens een volgende sessie komt ook de moeder los en vertelt ze over haar handicap en hoe moeilijk het voor haar is. Ze werd zelfs een tijdlang opgenomen in het ziekenhuis met een depressie. De ziekenhuisrekening kon niet onmiddellijk betaald worden, waardoor ze nu nog steeds maandelijks afbetaalt om de ziekenhuisschuld te vereffenen. Dit hypothekeert het gezinsbudget nog meer, zeker als blijkt dat de oudste dochter een beugel dient te dragen en er maandelijks een controle dient te gebeuren door de orthodontist.
Met de start van het schooljaar in het vooruitzicht blijkt dat de kinderen nood hebben aan kleding en schoenen, die we zoveel mogelijk proberen te geven vanuit ons voorraadje in de kelder. Als dit onvoldoende blijkt, sturen we betrokkenen door naar een tweedehandswinkel van de Welzijnsschakel. De verzorgende zal vermoedelijk met de moeder meegaan, als ze door de berg was heengeraakt. Anders zal er een andere oplossing moeten worden gezocht.
Een ogenschijnlijk eenvoudig probleem blijkt enigszins anders te zijn. Tijdens de behandelingen werden er bij dit gezin knelpunten zichtbaar op de volgende gebieden: gezondheid, inkomen en schulden, welzijn, justitie, arbeid en tewerkstelling, gezin en onderwijs. Over de sociale contacten en de cultuurbeleving is ons tot op heden nog niets bekend. Waarschijnlijk zullen er op dit vlak ook problemen komen bovendrijven. Gelukkig is alles in orde met de huisvesting!
Een drukke werkdag loopt ten einde: op de valreep worden we gecontacteerd door een thuisbegeleidingsdienst die wanhopig op zoek is naar een instantie die een luizenbehandeling bij een gezin kan opstarten. Het betreft een gezin met 5 kinderen, waarvan de oudste 14 jaar en de jongste 4 maanden is. Noch de thuisbegeleidingsdienst, noch de thuiszorgdienst blijken deze taak te kunnen/mogen verrichten. Wanneer ook nog blijkt dat de moeder van het gezin ernstig visueel gehandicapt is, zeggen we toe vanuit het SSG om deze mensen verder te helpen. Later vernemen we dat het comité bijzondere jeugdzorg dit gezin begeleidt omdat er in het verleden teveel taken op de schouders van het oudste meisje terechtkwamen, wat resulteerde in spanningen binnen het gezin.
Bij het eerste contact blijkt dat betrokkenen in een verzorgde woning van de sociale huisvestingsmaatschappij wonen. Er wordt verteld dat vader op reis is. Het jongste kind, een baby van 4 maanden, heeft amper haar en geen luizen, een ander broertje heeft uit pure wanhoop zijn haar kortgeschoren. De 3 meisjes en de moeder hebben echter erg veel bezoek van de kriebeldieren. Omdat de moeder maar 3% zicht heeft, is het voor haar absoluut onmogelijk om de luizen te kunnen zien... Dit zorgt voor frustraties. Tijdens de inwerktijd van de shampoo (gelukkig verkregen door de thuisbegeleidingsdienst) voeren we een gesprek over de andere maatregelen die er genomen zullen moeten worden: er wordt advies gegeven over het luchtdicht verpakken van kleding en spullen die niet al te warm gewassen kunnen worden. Het beddengoed van het voltallige gezin, de handdoeken en tutti quanti vliegen onherroepelijk in de wasmand. Door het geven van positieve bekrachtiging tussen deze tips door, wordt het gevoel van welbevinden (welzijn) opgekrikt.
Al snel blijkt dat de was zich sowieso al opstapelt zonder dat de handdoeken die werden gebruikt voor de luizenbehandeling erbij worden gelegd. Omdat ook de badkamer aan de eerder kleine kant is, stellen we voor om in de toekomst de badkamer en de handdoeken van het sociaal steunpunt gezondheid te gebruiken.
Enkele dagen later is het gezin opnieuw op post, ditmaal op het sociaal steunpunt gezondheid.. Ook nu wordt er weer volop gepraat tijdens de inwerktijd van de shampoo. Tijdens een korte uitleg over de diëtiste die op onze dienst werkt, vertelt het derde kind, dat inderdaad aan de mollige kant is, dat ze dolgraag een dieet zou willen volgen omdat ze erom gepest wordt op school. Ze gaat er dan ook niet graag naartoe en de schoolresultaten zijn, mede door dit gepest, slecht. Er wordt onmiddellijk een gesprek geregeld waaruit een afspraak voortvloeit. De moeder is blij want door het beperkte inkomen, vader stempelt en is wanhopig op zoek naar werk, is er geen budget over om een consult bij een reguliere diëtiste te betalen.
Tijdens een volgende sessie komt ook de moeder los en vertelt ze over haar handicap en hoe moeilijk het voor haar is. Ze werd zelfs een tijdlang opgenomen in het ziekenhuis met een depressie. De ziekenhuisrekening kon niet onmiddellijk betaald worden, waardoor ze nu nog steeds maandelijks afbetaalt om de ziekenhuisschuld te vereffenen. Dit hypothekeert het gezinsbudget nog meer, zeker als blijkt dat de oudste dochter een beugel dient te dragen en er maandelijks een controle dient te gebeuren door de orthodontist.
Met de start van het schooljaar in het vooruitzicht blijkt dat de kinderen nood hebben aan kleding en schoenen, die we zoveel mogelijk proberen te geven vanuit ons voorraadje in de kelder. Als dit onvoldoende blijkt, sturen we betrokkenen door naar een tweedehandswinkel van de Welzijnsschakel. De verzorgende zal vermoedelijk met de moeder meegaan, als ze door de berg was heengeraakt. Anders zal er een andere oplossing moeten worden gezocht.
Een ogenschijnlijk eenvoudig probleem blijkt enigszins anders te zijn. Tijdens de behandelingen werden er bij dit gezin knelpunten zichtbaar op de volgende gebieden: gezondheid, inkomen en schulden, welzijn, justitie, arbeid en tewerkstelling, gezin en onderwijs. Over de sociale contacten en de cultuurbeleving is ons tot op heden nog niets bekend. Waarschijnlijk zullen er op dit vlak ook problemen komen bovendrijven. Gelukkig is alles in orde met de huisvesting!
Abonneren op:
Posts (Atom)
